Home » GezondheidsGeneratoren
Het landschap van MooiMaasvallei is gevormd door de Peelrandbreuk aan de westkant en de Maas aan de oostzijde. De rivier komt en gaat en staat in verbinding met kleinere wateren. Landgoederen, bossen, natuurreservaten (zoals de Maasduinen) en het werelderfgoed van de Maasheggen kleuren de omgeving.
Helaas neemt de veerkracht van dit landschap af, mede door menselijke activiteiten. Wegen doorsnijden landschappen, woningbouw is vaak winst gedreven. Water wordt te snel afgevoerd met droogte tot gevolg en het landschap is voor velen een consumptiegoed; een gebied om te wandelen, te varen en te fietsen, of om op zoek te gaan naar verborgen schatten en appeltaart. Landbouw sluit ander gebruik uit en ondermijnt het gezondheidspotentieel.
Tegelijkertijd is ditzelfde landschap een vat vol kansen om de balans tussen mens en omgeving te herstellen. Dat blijkt al uit het overheidsbeleid dat inzet op veerkrachtige natuurlijke systemen, klimaatbestendigheid, vitale ecologie en een perspectiefrijke landbouw. Het cultuurhistorische landschap en de aardkundige waarden zijn beschermd en er is aandacht voor gemeenschapszin en het behoud van voorzieningen in dorpskernen. De uitdaging is om deze beleidsdoelen concreet te maken en te operationaliseren, het liefst met doelgerichte gebiedsontwikkelingen en met steun uit het gebied.
Gezondheid moet met een brede blik bekeken worden. Een goed handvat hiervoor is het model voor Positieve Gezondheid en Leefomgeving (PGLO). Hierin is gezondheid opgesplitst in zes pijlers: lichamelijke functies, dagelijks functioneren, kwaliteit van leven, sociaal-maatschappelijk functioneren, mentaal welbevinden en zingeving. De boodschap van het model: al deze gezondheidsaspecten zijn onlosmakelijk verbonden met de kwaliteit van de leefomgeving. Door via gisdata de zes gezondheidsaspecten te koppelen aan concrete plekken en landschappelijke kenmerken ontstaat een beeld van waar kwaliteiten zitten en waar werk aan de winkel is. Zo staan de dorpen aan de Maas en op de Peelzoom er beter voor dan de dorpen in de Peelkern en jonge (heide)ontginningen. Groen en water zijn vrijwel overal nabij, maar toch zijn er nog genoeg gebieden die achterblijven op de aspecten ‘mentaal welbevinden’, ‘lichaamsfuncties’ en ‘dagelijks functioneren’.
De analyse toont ook kansen, bijvoorbeeld voor ‘arrangementen’ van duurzame landbouw, natuurontwikkeling en woningbouw, met name op plekken waar externe drukfactoren ontbreken, het voorzieningenniveau op een laag pitje staat, de natuur verder weg ligt en de WOZ-waarde laag is. Het cultureel aanbod concentreert zich in bebouwd gebied. Bostheaters, culturele programma’s in en aan de randen van natuurgebieden en nieuwe rituelen rond landschap, voedsel en seizoenen kunnen daar verandering in brengen.
De crux is om landschap niet langer als decor te zien, maar als bondgenoot. Het doel is om grote ontwikkelingen én dorpsommetjes, om geïsoleerde plekken én ontmoetingsplaatsen, om bostheaters én buurthuizen een regionaal gezondheidsnetwerk te laten vormen. Maar wie maakt dit netwerk werkelijkheid? Dat zijn drie zogenoemde ‘gezondheidsgeneratoren’. We onderscheiden de mensen zelf, concrete plekken en handelingen. Om deze generatoren te laten werken, is een fundamentele omslag nodig van predatie naar generatie.
Generator 1: de mens als producent van gezondheid
Mensen zijn vaak consumenten van het landschap. Daar moet verandering in komen. Gelukkig gaan in MooiMaasvallei – ‘de gezondste regio van Nederland’ – mensen al op een andere manier om met hun leefomgeving. Groepen als MooiMakers en ValleiVerbinders nemen een andere houding aan. Ze zien zichzelf niet als baas over het landschap, of als onderdeel ervan. Zie zien zichzelf als mede-vormgevers van een gezonde leefomgeving.
Generator 2: plekken als groeiplaatsen
In MooiMaasvallei krijgen bepaalde plekken een specifieke gezondheidsuitdaging mee – deze groeiplaatsen vormen samen een landschapsmozaïek. De landschappelijke kenmerken vormen een inspirerend en verbindend kader. In de Peelkern bijvoorbeeld ligt het accent op verbindingen tussen landbouw, innovatie en nevenfuncties, terwijl aan de Peelrand groeiplaatsen bestaan uit dorpsroutes, gemeenschapstuinen en knarrenhoven. In de Raamvallei ligt het accent op natuur en waterbeheer, in de Maasduinen op een andere omgang met de bossen en het recreatieve aanbod. In het jonge ontginningslandschap ligt de nadruk op duurzaam landgebruik, kleinschalige recreatie, innovatie en nieuwe vormen van collectiviteit. In de kernen gelden stedelijke programma’s als aanjagers van gezondheid.
Generator 3: handelingen als groei-acties
Handelingen zijn burgerinitiatieven, activiteiten, festiviteiten en bezigheden in de breedste zin van het woord. Nu brengen ze vaak tijdelijk genot, met soms structurele negatieve effecten tot gevolg. Dat moet anders. Wanneer ons handelen de leefomgeving regenereert, gaan tijdelijk genot en permanente positieve impact hand in hand.
Vier interventies zetten de gezondheidsgeneratoren in beweging: stekken, enten, zaaien en bestuiven. Ze refereren aan het werk van de moestuinier en boomkweker. Gezondheid is immers niet iets dat je implementeert of uitrolt. Het is iets dat je cultiveert.
Stekken
in MooiMaasvallei zijn al veel mensen, plekken en handelingen die zich gezondheidsgenerator mogen noemen. Die worden geanalyseerd, gerangschikt op impact en sterke generatoren worden versterkt, vergroot en verspreid.
Enten
Enten is een nieuwe loot op een bestaande stam plaatsen. Oftewel: bestaande ontwikkelingen ‘gezond’ maken door ze te verbinden met de thema’s uit het PGLO-model. Dit enten kan ingewikkeld zijn, in termen van tijd, capaciteit en complexiteit. Er speelt namelijk veel en elke ontwikkeling benaderen vanuit gezondheid is een brug te ver. Het is daarom nodig om te prioriteren. Dit kan op twee manieren. Enerzijds door te focussen op grote ontwikkelingen, zoals de totstandkoming van Nationaal Park Nieuwe Stijl Maasduinen, woningbouwprojecten en de revitalisatie van vakantieparken. Anderzijds door kleine initiatieven die herhaalbaar zijn voorrang te geven. Denk aan speeltuinen, hondenuitlaatplekken, wadi’s, parkeerplaatsen en schoolpleinen.
Zaaien
Dit gaat over het introduceren van nieuwe gezondheidsgeneratoren – passend bij het landschap, de lokale context en gestelde ambities. Het is denkbaar dat gemeenschappen zelf generatoren bedenken. Voorbeelden uit andere regio’s zijn fietsroutes langs verkooppunten van streekproducten, knarrenhoven waar ouderen samenwonen, een agrocultuurpark (zoals gerealiseerd in de Italiaanse stad Milaan), de bosbus en het natuurtheater.
Bestuiven
Het PGLO-model kan technocratisch zijn en vatbaar voor systeemtaal. Het is niet het eerste waar men aan denkt bij het maken van ruimtelijke plannen. Bestuiven gaat dan ook over het leggen van verbindingen en het delen van kennis – evenementen, zichtbare interventies in de publieke ruimte en een knallende communicatiecampagne.
Een uitwerking voor Sint Anthonis toont hoe de methodiek van gezondheidsgeneratoren leidt tot een op positieve gezondheid gebaseerd dorpsplan. In het oude Peeldorp herbergt de randzone combinaties van woningbouw (met biobased materialen), landschap en natuur. De brink verandert in een ‘gezondheidsplein’ met dorpshuis Oelbroek als verzamelplek en ‘mentaal oplaadpunt’. Een ‘dorpsenergietuin’ levert maatschappelijk rendement en bushaltes veranderen in ontmoetingsplekken. Een voedselbos, het ‘biobased beekdal’, de introductie van agroforestry, meerdere plukroutes en een ‘ambachtenetalage’ verbinden bewoners met het buitengebied.